Zartusht-no Diso (29 dec.)


Op de 11de dag (Khorshed) van de 10de maand (Dae) in de Iraanse kalender wordt de dood herdacht van Zoroaster (Grieks voor de oud-Perzische naam Zarathoestra). Tijdens een plechtigheid worden lezingen gehouden, gevolgd door gesprekken over het leven en werk van de stichter van het zoroastrisme. Het bezoek aan een vuurtempel hoort eveneens bij de herdenking. Zoroasters zijn echter geen vuuraanbidders, maar geloven dat vuur – als een van de zuivere natuurelementen – Gods licht en wijsheid het best kan weergeven. Eredienst is trouwens ondergeschikt aan een ethische levenswandel, samengevat in ‘goede woorden, goede gedachten en goede daden’.

Gedurende 1.200 jaar was het zoroastrisme de godsdienst van het Perzische Rijk. In de 9de eeuw – na de verovering door de Arabieren - bleven slechts twee exemplaren van de heilige boeken onverbrand. Ze werden naar Indië overgebracht en daar door de Parsi’s doorgegeven. De tekst bestaat uit 17 zangen (de Ghata’s) die uit het hoofd werden geleerd. De taal, verwant aan het Sanskriet, geraakte in onbruik en niemand kon de tekst nog begrijpen. Pas in de 18de eeuw werd ze ontcijferd door een Fransman.

Zoroasters dood wordt vermeld in het Sjanama-epos, dat het mythologische en historische verleden van Perzië beschrijft. Hij zou vermoord geweest zijn tijdens een veldslag nabij Balkh.

In België is een gemeenschap van die Perzische religie gevestigd.



De ‘gevleugelde mens’ beeldt de mens uit op rijpe leeftijd (‘Wijsheid’).
Zijn rechterhand wijst naar het licht; in de linkerhand houdt hij de ring van de belofte vast.
De vleugel heeft drie rijen veren: ‘juiste gedachte, juiste woord en juiste daad’.
Die voeren de mens naar hogere regionen. Dat symbool kan worden vergeleken
met een engelbewaarder en staat voor het spirituele Zelf in God en in de mens.

 



Terug naar overzicht