Het kalifaat


De tragische gebeurtenissen in Irak van afgelopen maanden juli en augustus 2014 laten niemand onberoerd. Berichten over gruweldaden en politieke destabilisatie in de regio hebben de laatste weken geleid tot aanklachten; ook daadwerkelijke solidariteit is dan toch op gang gekomen. 

Anderzijds is het eveneens nodig het zogenaamde ‘optreden in naam van de islam’ te ontmaskeren. Omdat zulks tot onze opdracht behoort, gaat het artikel in bijlage in het bijzonder over de kwestie van het kalifaat: ‘Kalifaat: teken van eenheid én verdeeldheid’. Nu ook Boko Haram aankondigt een kalifaat op te richten in Nigeria, nadat Abu Bakr al-Baghdadi hetzelfde deed in Irak en Syrië (een contradictio in terminis, niet zonder historische precedenten en wellicht volgen er nog), komt de interne tegenspraak duidelijk aan het licht, mocht dat nog niet het geval zijn. Een kalief wordt door vertegenwoordigers van de gemeenschap aangeduid en dient universeel geaccepteerd te worden. Alleen sekteleiders en machtswellustelingen roepen zich eenzijdig uit tot hoofd van iedereen. Een kalief heeft bovendien als taak orde te waarborgen en de sjaria correct te laten toepassen. Daartoe stelt hij rechters aan (qadi’s), die garant staan voor de rechtspraak en het uitspreken van straffen, zoals die in het islamitisch recht voorkomen. Ook daar wordt tegen vaak gezondigd. Het lijkt dus niet overbodig een en ander in zijn juiste context te plaatsen en ons – als buitenstaander en vaak onwetend over de islam – niet te laten meeslepen in een fundamentalistisch discours door zelf fundamentalistisch te gaan denken. Lees in dat verband het opiniestuk van Chams Eddine Zaougui, verschenen in De Standaard van 23/24 augustus 2014


Het kalifaat : teken van eenheid én verdeeldheid in de islam

1. Toen de profeet Mohammed in 632 overleed, had hij geen opvolger aangeduid, noch instructies nagelaten over wat er dan diende te gebeuren. Een aantal trouwe gezellen kwamen samen om via consensus Abu Bakr aan te duiden als politieke leider van de umma (gemeenschap van moslims) met de titel van Khalîfat Rasûl Allâh (‘Opvolger van de Profeet van God’, later afgekort tot khalîfa, ‘kalief’). Nadien volgden nog drie opvolgers, Umar, ‘Uthman en Ali. Ze werden later de ‘vier rechtgeleide kaliefen’ genoemd omdat ze de taak van Mohamed hebben verdergezet: onderdrukking van interne rebellie, uitbreiding van de islam, verzamelen van Koranverzen, uitspraken en handelingen van Mohammed (soenna), toezicht op recht en staatsfinanciën. Zoals in vele premoderne naties lag toen ook alle macht in handen van één persoon. Andere voorbeelden van regio’s, na expansie gedomineerd door één groep, zijn het Byzantijnse en Chinese Rijk en het Roomse Keizerrijk .

2. Pas toen de islam grote delen van het Midden-Oosten had veroverd en de grenzen zich steeds verder uitbreidden, werd de min of meer democratische instelling van het kalifaat gewijzigd in een dynastieke opvolging ... (lees hier verder)

A
rtikel van Zaougie.

Communiqué MEB.

F
oto bovenaan: de laatste kalief Abdulmejid II, afgezet door Atatürk in 1924.



Terug naar overzicht